Dropshipping wordt vaak gezien als een efficiënte manier om online te verkopen zonder zelf voorraad aan te houden. Voor merken ligt dat anders. Wanneer een externe webshop of marketplace producten rechtstreeks vanuit de voorraad van het merk aan consumenten verkoopt, blijft een groot deel van de operationele en financiële risico’s bij het merk liggen.
Dat maakt dropshipping meer dan alleen een extra verkoopkanaal. Het raakt direct aan marge, fulfillment, voorraadbeheer, retouren, merkpositionering en klantrelaties.
Een bestelling die rechtstreeks vanuit het magazijn van het merk naar de consument gaat, lijkt op het eerste gezicht eenvoudig. Maar iedere order brengt kosten met zich mee voor orderverwerking, verpakking, verzending en klantenservice. Bij retouren komt daar een tweede logistieke stroom bij.
Zeker in fashion en lifestyle kunnen retouren een forse kostenpost zijn. Een geretourneerd artikel moet worden ontvangen, gecontroleerd en opnieuw verkoopbaar worden gemaakt. Soms moet het worden herverpakt, gereinigd of afgeprijsd. Daarnaast is het product gedurende deze periode niet beschikbaar voor verkoop.
Daarmee kan een extra orderkanaal dat omzet genereert, tegelijkertijd druk zetten op de marge. Het is daarom belangrijk om niet alleen naar de omzet te kijken, maar naar de werkelijke opbrengst per order na alle fulfillment- en retourkosten.
Een tweede risico is prijsdruk. Dropshippers verkopen vaak dezelfde producten als andere webshops. Wanneer meerdere partijen hetzelfde artikel aanbieden, ligt prijsconcurrentie voor de hand. Dat kan leiden tot lagere marges en conflicten met bestaande retailers en distributiepartners.
Voor een merk gaat het bovendien niet alleen om prijs. Ook de manier waarop een product online wordt gepresenteerd, heeft invloed op de merkwaarde. Onjuiste productinformatie, slechte vertalingen, niet-passende fotografie of overdreven claims kunnen een zorgvuldig opgebouwde merkpositionering onder druk zetten.
De consument maakt daarbij niet altijd onderscheid tussen de webshop en het merk. Een slechte klantervaring – bijvoorbeeld een vertraagde levering, gebrekkige communicatie of een moeizame retour – kan daardoor rechtstreeks afstralen op het merk.
Bij online verkoop hebben consumenten recht op een bedenktijd en moet een webshop een duidelijk retourproces bieden. Voor een merk dat rechtstreeks levert, betekent dit dat retourstromen onderdeel worden van de eigen logistieke operatie.
Daarbij ontstaat een belangrijk praktisch vraagstuk: waar bevindt het product zich nadat de consument het heeft teruggestuurd? Zolang het artikel onderweg is of bij een externe partij wordt verwerkt, heeft het merk geen volledige beschikkingsmacht over zijn eigen voorraad.
Een professioneel marketplace- of fulfilmentmodel kan hier voordelen bieden. Grote platforms beschikken over centrale fulfilment- en retourcentra en kunnen retouren op grotere schaal verwerken. Daarmee kunnen merken een deel van de logistieke complexiteit uitbesteden. De kosten daarvan moeten uiteraard worden afgezet tegen de kosten van eigen fulfillment.
Het feit dat een derde partij het product online verkoopt, betekent niet dat alle verantwoordelijkheid bij die partij ligt. Afhankelijk van de rol in de keten kunnen merken en andere marktdeelnemers verantwoordelijkheden hebben op het gebied van productveiligheid, productinformatie en traceerbaarheid.
Voor producten die niet aan de Europese veiligheidseisen voldoen, kunnen de gevolgen aanzienlijk zijn. Producten kunnen uit de handel moeten worden gehaald, consumenten moeten worden geïnformeerd en schade kan moeten worden vergoed. Een terugroepactie brengt bovendien niet alleen financiële kosten met zich mee, maar kan ook aanzienlijke reputatieschade veroorzaken.
Ook bij samenwerking met externe verkopers zijn daarom duidelijke afspraken nodig over productinformatie, klachten, garantie, recalls en aansprakelijkheid.
De groei van marketplaces laat zien dat merken steeds vaker zoeken naar een alternatief voor volledig zelfstandig dropshippen. Een marketplace kan toegang bieden tot een groot klantenbestand en tegelijkertijd delen van verkoop, betaling, fulfillment en retourlogistiek organiseren.
Dat kan vooral interessant zijn voor merken die internationaal willen groeien. De schaal van een marketplace kan ervoor zorgen dat logistiek en retouren efficiënter worden georganiseerd dan wanneer ieder merk afzonderlijk alle bestellingen en retouren verwerkt.
Daar staat tegenover dat marketplaces doorgaans commissies en andere kosten rekenen en dat het merk een deel van de controle over de klantrelatie uit handen geeft. De keuze voor een marketplace is daarom niet alleen een commerciële beslissing, maar ook een logistieke en financiële afweging.
Dropshipping kan merken helpen om hun assortiment via nieuwe kanalen en in nieuwe markten aan te bieden. Maar extra omzet betekent niet automatisch extra rendement.
Wie producten via externe webshops of marketplaces verkoopt, doet er goed aan vooraf inzichtelijk te maken wie verantwoordelijk is voor fulfillment, retouren, klantenservice, prijsstelling, productinformatie, garantie en eventuele claims. Ook afspraken over betalingsvoorwaarden, voorraad en aansprakelijkheid verdienen aandacht.
De belangrijkste vraag is uiteindelijk niet hoeveel extra producten via een dropshipkanaal kunnen worden verkocht, maar wat een order werkelijk oplevert nadat alle kosten en risico’s zijn meegenomen.
Dropshipping kan daarmee een waardevol onderdeel zijn van de distributiestrategie van een merk. Maar alleen wanneer de commerciële kansen in balans zijn met de operationele, financiële en reputatierisico’s.
Bron: KvK, MODINT C&F
Foto: Shutterstock