De staatsgarantie van €12 mrd die Nederlandse kredietverzekeraars in april kregen is geen reddingsoperatie, zeggen de drie grootste marktpartijen. Ze spreken zich voor het eerst uit over de regeling, waarmee ze heel 2020 door kunnen gaan met het afdekken van betalingsrisico’s van hun klanten, nu ook de Europese Unie hier haar zegen aan heeft gegeven.
De kredietverzekeraars Coface, Atradius en Euler Hermes maken samen met kleinere concurrenten zo’n €200 mrd aan handel mogelijk en zijn daarmee de ‘smeerolie van de economie’, in de woorden van staatssecretaris Hans Vijlbrief. Het ministerie van Financiën liet daarom begin april grof geschut aanrukken om deze relatief onbekende sector uit de brand te helpen bij de aanvang van de coronacrisis.

Miljardenvangnet
Al in het prille begin van de crisis, toen het grote hamsteren begon en de eerste vijf Nederlandse coronadoden te betreuren waren, stond het drietal op de stoep van het ministerie van Financiën met een uitgewerkt verzoek voor een miljardenvangnet. Een golf van onnodige faillissementen zou over Nederland rollen als de staat niet snel borg zou gaan staan voor hun sector, waarschuwden zij in koor.

‘We dekken gezamenlijk risico’s af die anders niet verzekerbaar zijn’, zegt Edwin Busio, topman van Coface. ‘Zonder onze dekking kunnen heel veel leveranciers niet meer leveren, en zouden veel bedrijven onnodig failliet gaan en veel banen permanent verdwijnen. Dit is niet zozeer een redding van onze sector, als wel een redding van de Nederlandse economie.’

Kredietcrisis
Zo vroeg als de sector ditmaal aan de bel trok, zo traag kwam die in actie tijdens de kredietcrisis, erkennen de drie topbestuurders; toen draaiden de verzekeraars hun dekking bij klanten massaal terug, om pas veel later mondjesmaat staatssteun te vragen. Het resultaat was dat de handel vastliep en de crisis achteraf bezien onnodig lang heeft geduurd. ‘Het was te weinig, te laat, en daardoor zijn we ook veel klanten kwijtgeraakt’, vertelt Tom Kaars Sijpesteijn van Atradius.

Toch ontkomt de sector ook ditmaal niet aan kritiek. Tientallen ondernemers beklaagden zich begin april tegenover het FD over het plotseling verlagen of stoppen van hun kredietlimieten. En ook factoringbedrijven, die de facturen van ondernemers opkopen, vonden de verzekeraars te streng in hun beleid.

‘Emoties liepen snel hoog op’
Het drietal verwerpt die kritiek. ‘De emoties liepen al meteen hoog op vanwege hoe het tien jaar geleden ging, maar Nederland werd op dat moment nog nauwelijks geraakt door het virus’, aldus Busio van Coface. De winkelierslobby probeert volgens de verzekeraars de schuld op hen af te schuiven terwijl de problemen in hun winkelstraten al veel langer bestonden.
De staatsgarantie betekent nog niet dat de belastingbetaler straks bedrijven in de lucht houdt die eigenlijk geen bestaansrecht meer hebben, benadrukken de drie verzekeraars. ‘Deze steun is bedoeld om zoveel mogelijk bedrijven die voor de crisis solvabel waren er doorheen te slepen, en we weten goed wie dat zijn’, zet Mike De Bresser van Euler Hermes. ‘Dit is geen vrijbrief voor klanten om hun rekeningen niet te betalen en onze polissen zijn daar heel duidelijk over. Wij zitten er bovenop met stevig incassomanagement.’

EU: deel schade voor kredietverzekeraars
Ook de verzekeraars lopen risico. Aanvankelijk zou de staat 100% van de risico’s afdekken, maar daar stak de Europese Unie een stokje voor. Nu komt 10% van het eerste miljard aan schades, oftewel €100 mln, voor rekening van de kredietverzekeraars. Ook zullen ze dit jaar niets verdienen. Alle premie-inkomsten worden overgemaakt naar de staat. Verzekeraars ontvangen een beperkte tegemoetkoming in de operationele kosten.

Dat er schades komen staat vast. De miljardeningreep van Financiën en andere reusachtige steunpakketten ten spijt, voor veel bedrijven ziet 2020 er grimmig uit, weten de kredietverzekeraars. Ze verwachten een stroom aanfaillissementen, vooral in landen die gekozen hebben voor een harde lockdown. Maar ook Nederland ontkomt met zijn mildere variant niet aan grote schade, vanwege de zware afhankelijkheid van internationale handel. In het Verenigd Koninkrijk beweegt de economie eind van het jaar in de richting van -20%’, zegt Euler Hermes. Voor Nederland wordt gerekend op een krimp van rond de 6% tot 7%, aldus Busio van Coface. ‘De grootste pijn komt nog.’

Artikel: Het Financieele Dagblad | FD.nl d.d. 30 mei 2020